Tjeerd Bottema werd op 6 februari 1884 geboren te Langezwaag in Friesland. Hij volgde de kweekschool in Maastricht, waar hij zijn onderwijzersdiploma en acte L.O. tekenen behaalde. Daarna vertrok hij naar Amsterdam, waar ook zijn broer Tjerk tekenlessen volgde. Hier behaalde hij aan de Kunstnijverheidschool de akte M.O. tekenen en ging werken als plateelschilder bij plateelfabriek "De Distel".
Beknopte Bibliografie:
Wondere verhalen van vader Uggelebug:
Deel I Doove Jabik en de betooverde vogelschrik, 1924
Deel II Het avontuur van Nob, Gnob en Gnobberdebob, 1924
Deel III Het wolkenwezentje en de baas van de grauwe donderwolk, 1925
Deel IV Kleine Jochem en de dolle mol in 't muizehol, 1925
Van Lopertje, Piepertje en Knagertje, 1933
Avonturen van een Hollandschen jongen in Arizona, 1936
Aardolie, zigeuners en Freddie, 1955
Er was eens een oud vrouwtje. Een oud verhaaltje, 1956
Illustraties in o.a.:
Serie Karakter-Kennis-Kunst. Voor het Voortgezet onderwijs, 1928
Leesboekjes voor het lager onderwijs de series:
Zonneschijn, 1934
Voor allen wat, 1951
Van Nienke van Hichtum: Schimmels voor de koets of.... vlooien voor de koekepan, 1936
Van A.D. Hildebrand: Een slimme vos in een dierenstad, 1931
Van W. G. van de Hulst: Het huisje in de sneeuw, 1924
Van Leonard Roggeveen:De krant van Kees van Dam, 1936
Van T. Geertsma-Allema: Als de grimmige Noordooster waait, 1938
Van A.Th. Sonnleitner:De holenkinderen in het geheime dal, 1942
Van P. J. S. Zwart: De Pieterjan-serie (6 delen), 1943-1953
Van Jouk Terpstra: De kinderen van de Achterweg, 1947
Van Anne de Vries:
Jongens van de straat, 1934
Op de grote heide, 1937
De grote veenbrand, 1937
Jaap en Gerdientje, 1939
Het boek van Jan Willem, 1950
Reis door de nacht, 1951
en in vele, vele andere boeken.....